About the LINC colloquia

 

The science-practitioner gap manifests itself in a host of fields in clinical psychology, social work, counseling, and psychiatry. The LINC colloquium series aims to bridge the science-practitioner gap by stimulating exchange and collaboration on recent topics in science and practice. We hope to attract a diverse and large audience to attend these informal meetings that give participants the opportunity to discuss emerging issues and bring their own perspectives and issues to the table. The colloquia will be a great way to learn about the issues researchers and practitioners in the field face, to get an idea of how other people have solved them, and to stimulate communication, exchange, and hopefully joint projects.

16 februari 2017 - Prof. dr. Carlo Schuengel

 Veilig gehecht en vrij van jeugdtrauma's: het ikea model

Samenvatting

Onder deze enigszins cryptische titel zou ik willen reageren op de adviesvraag van het kabinet aan de Gezondheidsraad omtrent ‘Jeugdtrauma en onveilige hechting’. Ik wil kort ingaan op de bestaande evidentie ten aanzien van opvoedinterventies, kennis over ontwikkeling en de vragen, zorgen en onzekerheden van ouders. Na enkele voorbeelden te bespreken van beleid gericht op het bereiken van maatschappelijk gewenste doelen (leefstijl, roken, groen gedrag, vaccineren) wil ik pleiten voor een oudervriendelijke aanpak. Hierin ondersteunt de samenleving ouders in ‘zelfmanagement’ rondom de uitdagingen die zij in de uitoefening van hun ouderschap tegenkomen. Ik bespreek enkele veelbelovende voorbeelden daarvan. Ik leid tenslotte graag de discussie in over de agenda ten behoeve van onderzoek en innovatie.

Over prof. dr. Carlo Schuengel:

Prof.dr. Carlo Schuengel is hoogleraar orthopedagogiek aan de Vrije Universiteit Amsterdam en leidt daar het onderzoeksprogramma “Challenges to child-rearing relationships”, zie ook: http://www.vu.nl/en/programmes/international-masters/programmes/c-d/clinical-and-developmental-psychopathology/meet-the-staff/carlo-schuengel.aspx

Wanneer: 16 februari 2017, 16.00-17.00 uur

Waar: Universiteit Leiden, Faculteit Sociale Wetenschappen, Wassenaarseweg 52, 2333 AK, Leiden

Zaal: SB45 (souterrain)

Interesse? Mail Gea van Dam, g.van.dam@fsw.leidenuniv.nl

24 november 2015 - Trudy Mooren

Aanpassing na traumatische ervaringen in vluchtelingengezinnen


Samenvatting

De toegenomen instroom van vluchtelingenkinderen en –jongeren confronteert professionals in opvang, zorg en onderwijs met nieuwkomers in de klas die in korte tijd veel schokkende gebeurtenissen en migratie hebben meegemaakt en zich nu aanpassen aan andere omstandigheden. Deze hectische ontwikkelingen gaan gepaard met allerlei en gevarieerde reacties. Sommige ervan zijn trauma-gerelateerd, anderen hebben meer te maken met de onrust en ontwrichting. Bovendien zijn er zorgen over diegenen die in het land van herkomst zijn achtergebleven. Wat is bekend over traumatische stress reacties bij kinderen en jongeren van verschillende leeftijd? Hoe werken deze reacties door op het functioneren van het gezin? Wat zijn gevolgen voor gezinsleden, en andersom: hoe

kunnen gezinsleden elkaar ondersteunen in de aanpassing aan de nieuwe omstandigheden na alle ingrijpende ervaringen voorafgaand aan en tijdens de migratie? In deze lezing wordt op deze vragen een antwoord verkend. De basis daarvoor ligt in de klinische praktijk van Stichting Centrum ’45 en het programma Kind, gezin en trauma. In dat programma gaat het om het vergroten van de veerkracht binnen een gezin en bredere sociale omgeving.

Over Trudy Mooren:

Trudy Mooren werkt als klinisch psycholoog bij Stichting Centrum ’45 en coöordineert het programma Kind, gezin en trauma. Ze is cognitief gedragstherapeut, EMDR therapeut en systeemtherapeut. Ze is als onderzoeker en universitair hoofddocent verbonden aan de afdeling Klinische Psychologie van de Universiteit Utrecht. Zij heeft baanbrekend werk

verricht in traumagericht werken met gezinnen in programma’s zoals Multi

Family Therapy en Multi Family Approach.

Trudy Mooren heeft dit jaar de prestigieuze ‘Jaap Chrisstoffels penning’ ontvangen voor haar bijzondere verdiensten op het gebied van de zorg voor psychisch getraumatiseerde kinderen.

 

21 May 2015 - Prof. dr. Chantal Cyr, Université du Quebec

An Attachment-based Intervention Protocol for the Assessment of Parenting Capacities in Child Welfare Case

Abstract

The efficacy of attachment-based interventions was demonstrated in many samples of high-risk families, including abusive and neglecting families (Bakermans-Kranenburg et al., 2003; Cicchetti et al., 2006; Moss et al., 2011). This presentation will report on the efficacy of such an intervention within parenting capacity assessments (PCA) of child welfare

cases. When reported to Child Protective Services (CPS), parents usually undergo a PCA, which plays a key role in legal authorities’ decision to remove or reunite children with their parents (White, 2005). However, there are very few standardized and scientifically tested PCA protocols (Budd, 2005). This could be imputed to an absence of a consensus about the definition of what are minimal standards of care (Budd 2001; White, 2005), but also to the lack of available methods for assessing parental capacity to change in a very short time frame (Harnett, 2007). As a consequence, conclusions stemming from PCAs often remain equivocal and do not adequately meet CPS mandate. With a sample comprised of maltreating parents and their children aged between 0 and 5 (N=106):  1) we tested, using a randomized control-trial design, whether the short-term Attachment Video-feedback

Intervention is effective in increasing parent-child interactive quality and child adjustment; and 2) we examined whether the inclusion of this intervention within a PCA protocol is a useful approach to the assessment of parental capacity.

 

 

30 April 2015 - Prof. dr. Phil Fisher, University of Oregon

Prevention Science and Translational Neuroscience: At a Crossroad or a Confluence? 

 

Abstract

Research in the field of prevention science has led to the identification of numerous evidence-based practices to reduce risk and increase well-being in individuals exposed to adverse experiences early in life. Great progress has been made in promoting educational achievement, reducing antisocial and other problem behaviors, increasing secure attachment, and preventing the initiation and escalation of substance use. Moreover, many programs have been successfully scaled and are being widely implemented in community settings. In addition to these positive developments, there remain some ongoing challenges. In this talk, Prof. dr. Fisher will describe two of these primary challenges: the need to better explicate and measure the impact of the intervention on target mechanisms, and the need to examine variables associated with individual differences in intervention effects (i.e., moderators). Within both of these domains, the emerging field of translational neuroscience has much to contribute. He will provide examples of the integration of neuroscience and prevention from his ongoing prevention trials with high-adversity populations, including maltreated children and children from backgrounds of extreme economic disadvantage. 

 

 

14 januari 2015 - Dr. Muriel Hagenaars

De rol van freezing tijdens trauma in de ontwikkeling van psychopathologie

Samenvatting

Het is algemeen bekend dat mensen fight of flight gedrag vertonen in reactie op gevaar. Fight-flight reacties zijn veelvuldig bestudeerd en worden in verband gebracht met het onstaan en voortbestaan van psychopathologie. Een derde mogelijke reactie - freezing - is minder bekend. Freezing wordt in onderzoek bij dieren vaak gebruikt als indicator voor angst, maar bij mensen is freezing gedrag pas sinds kort focus van onderzoek. Enkele studies laten echter een relatie zien tussen freezing tijdens een trauma en de ontwikkeling van psychopathologie (met name PTSS). Deze link tussen immobiliteit en PTSS zou verklaard kunnen worden door het feit dat er tijdens freezing sprake is van maximaal gefocuste aandacht en optimale verwerking van perceptuele informatie. Hierdoor zouden levendige visuele herinneringen ontstaan, een belangrijk symptoom bij PTSS. In dit colloquium worden recente freezing-bevindingen besproken (inclusief experimenten met objectieve meet-methodes voor freezing met behulp van een stabilometrisch platform) alsmede de betekenis voor de klinische praktijk.

 

28 mei 2014 - Justine van Lawick & Magreet Visser

Kinderen uit de Knel

 

Samenvatting

Elk jaar worden ongeveer 70.000 kinderen in Nederland geconfronteerd met de scheiding van hun ouders. Onderzoek laat zien dat ongeveer 30% van deze scheidingen problematisch zijn en van deze problematische scheidingen leiden 15% tot serieuze  conflicten over gezag, omgang en financiën, zogenoemde vechtscheidingen. Dit houdt in dat elk jaar meer dan 3.000 kinderen ernstig in de knel komen door de voortdurende strijd van de ouders over de organisatie van het leven na de scheiding met betrekking tot zorg, financiën, woning, school en vele andere zaken die het leven van de kinderen   betreffen.  De schatting is dat momenteel ongeveer 16000 kinderen lijden onder de vechtscheiding van de ouders. Er is vanuit de literatuur overtuigend bewijs dat hoe meer conflicten er samengaan met een scheiding, hoe ernstiger de psychosociale gevolgen zijn voor kinderen. Tot nu toe was er echter geen adequate interventie voor deze kinderen.

 

Kinderen uit de Knel is een groepsprogramma voor zes ouderparen en hun kinderen ontwikkeld door het Kinder- en Jeugdtraumacentrum en het Lorentzhuis. De oudergroep (ex-partners) komt acht keer twee uur bij elkaar. In dezelfde tijd komen de kinderen in een groep bij elkaar. De ouders werken aan het doorbreken van de destructieve patronen en aan het vinden van oplossingen voor steeds terugkerende problemen. Het welzijn van de kinderen staat hierin steeds centraal. De kinderen maken met elkaar films, posters, tekeningen, graffiti, theater en muziek rond het thema ‘ouders die strijden’. Ze kunnen hier ook over spreken maar het hoeft niet. Kinderen uit de Knel richt zich op de krachten van de kinderen en op het vergroten van weerbaarheid. De methode is   theoretisch onderbouwd en gaat wetenschappelijk onderzocht worden op effectiviteit door de Academische Werkplaats aanpak Kindermishandeling.

 

Meer informatie: www.kinderenuitdeknel.nl

12 September 2013 - Prof. dr. Christian Keysers

The empathic brain

Abstract
One of the most remarkable features of human interactions is our intuitive sense that the people around us have intentions, sensations and emotions like our own. In this talk, I will review evidence that neurons and brain regions involved in controlling our own ac­tions become activated while we see or hear those of others. I will address the less rec­ognized fact that regions involved in sensing our own body (SI/SII) become active while we see the movements and tactile sensations of others. I will show that insular and cin­gulate cortices become active while we view the emotions of others. These three sets of data show that we have an empathic brain: a brain that activates representations of our own actions, sensations and emotions whenever we see those of others, as if we were in their stead. I will suggest, that these vicarious activations are not the mysterious prod­uct of somegenetic predisposition to empathize with others, but, at least in part, the re­sult of simple Hebbian learning between executing an action and seeing/hearing oneself do the action. I will then review evidence, that disturbing regions of the empathic brain can lead to impairments in understanding the inner states of others. I will then present behavioral data from a study in which we find evidence for empathy in rats, and data from a study with participants with psychopathy, where the empathic brain is hypoactive.

 

Further Reading: the book The Empathic Brain by Christian Keysers, (http://www.amazon.co.uk/dp/9081829203/)

 

More Information about Christian Keysers:
http://www.herseninstituut.knaw.nl/research_groups/keysers_group/team/christian_keysers
http://www.rug.nl/staff/c.m.keysers/

LINC